Artikel 170, §4 van de Grondwet: uitdrukkelijke bevoegdheid van de gemeenteraad voor het invoeren van belastingen.
Eind 2019 werd het reglement herstemd en werden er meer belastbare feiten opgenomen in het reglement, waar er in het verleden enkel permanente borden belast werden, worden nu ook tijdelijke borden belast. Sinds dit jaar vindt er een rondrit plaats om de vaststelling te doen van de geplaatste borden.
De formulering van de vrijstelling voor sportclubs is onvoldoende om de geplaatste borden vrij te stellen, daarom doen we een aanpassing van het reglement.
Het veelvuldige plaatsen van aanplakborden heeft een storend effect en biedt een onesthetisch uitzicht in het straatbeeld, daarom is het dus verantwoord om via de invoering van dit belastingreglement de overlast te beperken.
We voorzien vrijstellingen voor organisaties van politieke, culturele, sport, sociale of godsdienstige aard, maar door deze in de tijd te beperken, willen we ervoor zorgen dat de verenigingen er ook voor zorgen dat deze borden nadien worden weggenomen.
Omwille van de financiële behoefte van de gemeente is het nodig om het reeds bestaande belastingreglementen te behouden.
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen
Het gemeenteraadsbesluit dd. 16 december 2013 houdende de goedkeuring van de belasting op aanplakborden van 1 januari 2014 tot en met 31 december 2019
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017
Het besluit van de Vlaamse Regering van 20 april 2018 betreffende de bekendmaking en raadpleegbaarheid van besluiten en stukken van het lokaal bestuur, betreffende de wijze waarop de reglementen en verordeningen van het lokaal bestuur worden bijgehouden in het register en betreffende de raadpleegbaarheid van de besluiten van de politiezones en hulpverleningszones
De omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 15 februari 2019 betreffende de gemeentefiscaliteit.
Met ingang van 1 januari 2022 en voor een termijn eindigend op 31 december 2025 wordt ten behoeve van de gemeente een jaarlijkse belasting geheven op de aanplakborden voor publiciteitsdoeleinden.
Onder aanplakbord wordt verstaan elke constructie in onverschillig welk materiaal, waarop reclame wordt aangebracht door aanplakking, vasthechting, schildering of door gelijk welk ander middel, met inbegrip van muren of gedeelten van muren en omheiningen die gehuurd of gebruikt worden om er reclame op aan te brengen, waarvan de oppervlakte ten minste 0,50 m² is.
Voor de berekening van de belasting wordt de nuttige oppervlakte van het bord in aanmerking genomen, met uitzondering van de omlijsting. Voor de muren is alleen dat gedeelte van de muur belastbaar dat werkelijk voor reclame wordt gebruikt. Hierbij dient de bedekte totale oppervlakte beschouwd te worden als een bord, ook indien er verschillende reclames op voorkomen.
De aanslagvoet van de belasting wordt vastgesteld op € 30,00 per vierkante meter of gedeelte van een vierkante meter.
De belasting wordt berekend in veelvoud van het aantal reclames wanneer één communicatiemiddel opeenvolgende reclames vertoont.
De belasting is verschuldigd voor gans het jaar, ongeacht het tijdstip in de loop van het aanslagjaar waarop het betrokken bord wordt geplaatst of weggenomen, met uitzondering van hetgeen wordt beschikt in artikel 6 punt 1 en 8.
De belasting is niet verschuldigd voor:
De belasting is verschuldigd door de natuurlijke of rechtspersoon die beschikt over het recht gebruik te maken van het aanplakbord en, in bijkomende orde, als de gebruiker niet gekend is, de eigenaar van de grond, de muur of de omheining, waarop zich het bord bevindt of de reclame is aangebracht.
De belastingplichtige is gehouden tot aangifte bij het gemeentebestuur van de op 1 januari van het aanslagjaar in gebruik zijnde aanplakborden, en dit uiterlijk op 31 maart van het aanslagjaar.
De borden geplaatst in de loop van het aanslagjaar worden aangegeven binnen de veertien dagen na ingebruikname.
De aangifte blijft gelden tot de belastingplichtige het gemeentebestuur op de hoogte stelt van de gewijzigde toestand.
Aannemers of immokantoren die wensen, kunnen een uitzondering van aangifteplicht aanvragen, bovenstaande regels worden dan vervangen door
- aangifte de eerste werkweek volgend op het einde van het kwartaal voor werfdoeken
- de eerste week van december voor immo.
De belastbare elementen worden vastgesteld door de diensten van het gemeentebestuur.
Onverminderd de overeenkomstig het vorige artikel blijvende geldigheid van de gekende elementen tot vestiging van de belasting, ontvangt het bestuur van de belastingplichtige jaarlijks een getekende verklaring volgens het model en binnen de termijn door het gemeentebestuur vastgesteld.
Dit formulier wordt, op basis van de gekende gegevens, tijdig door het gemeentebestuur aan de belastingplichtige overgemaakt.
Betrokkenen die geen formulier zouden ontvangen hebben zijn niettemin verplicht spontaan aan het gemeentebestuur de elementen te verstrekken die nodig zijn voor de toepassing van de belasting en dit overeenkomstig de bepalingen en binnen de termijn in het vorige artikel gesteld. Een model van aangifte is beschikbaar op de gemeentelijke website.
Bij gebreke van een aangifte of bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte wordt de belastinplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar of beroep.
Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het gemeentebestuur aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.
De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de 3de werkdag die volgt op de verzending van die kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk kenbaar te maken.
De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met 25, 50, 100 of 200% wanneer het respectievelijk om een eerste, tweede, derde of vierde overtreding gaat, elke volgende overtreding wordt met 200% verhoogd met dien verstande dat een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige volledig herstelt.
Het bedrag van deze verhoging wordt ingekohierd.
De belasting wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
De vestiging en de invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen.
Dit reglement vervangt vanaf 1 januari 2022 het belastingreglement op aanplakborden van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2025, goedgekeurd door de gemeenteraad van 16 december 2019, en aangepast omwille van corona door de gemeenteraad van 4 mei 2020.
Dit reglement zal worden bekendgemaakt overeenkomstig artikelen 285 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur.