Artikel 277 van het decreet lokaal bestuur.
Aan de raad voor maatschappelijk welzijn worden de notulen van de voorgaande raad voor maatschappelijk welzijn ter goedkeuring voorgelegd.
De notulen werden opgemaakt overeenkomstig de bepalingen van het decreet lokaal bestuur.
Artikel 278, §1 van het decreet lokaal bestuur.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de notulen van de raad voor maatschappelijk welzijn van 25 april 2022 goed.
Jan Van Itterbeeck heeft op 29 maart 2022 ontslag genomen als lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst. Dit ontslag werd schriftelijk ondertekend door Jan Van Itterbeeck in de voordrachtakte van het nieuwe kandidaat-lid, die op 6 mei 2022 aan de algemeen directeur en de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn bezorgd werd.
Er zijn geen opvolgers.
De algemeen directeur heeft op 6 mei 2022 van N-VA de akte van voordracht ontvangen voor de vervanging van een lid in het bijzonder comité voor de sociale dienst.
De verkiezing verloopt niet via stemming, maar via akte van voordracht. De voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn gaat na of de ingediende akte van voordracht ontvankelijk is overeenkomstig de decretale voorwaarden.
De algemeen directeur stelde op 14 december 2018 de toewijzing van de zetels binnen het bijzonder comité voor de sociale dienst als volgt vast:
| N-VA | 3 zetels |
| CD&V | 2 zetels |
| Samen Anders + Groen | 3 zetels |
| Vlaams Belang | 0 zetels |
Als de akte voldoet aan de gestelde voorwaarden, dan wordt het voorgedragen kandidaat-lid en de eventuele opvolgers verkozen verklaard.
Volgende akte van voordracht voor een lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst werd ontvangen:
Uit nazicht blijkt dat de ingediende akte voldoet aan de gestelde voorwaarden. De voordrachtsakte is ondertekend door de meerderheid van de verkozenen van dezelfde lijst.
De voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn verleent aan Ilse Nauwelaerts de akte van haar eedaflegging en verklaart haar verkozen als lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst.
Het decreet lokaal bestuur
De raad neemt kennis van het ontslag van Jan Van Itterbeeck als lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst, met ingang van 29 maart 2022.
De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van de ontvankelijke akte van voordracht van het nieuwe lid van het bijzonder comité voor de sociale dienst in vervanging van Jan Van Itterbeeck.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de geloofsbrieven van Ilse Nauwelaerts (N-VA) goed.
Gemeenteraadslid Elke Hellemans neemt ontslag als gemeenteraadslid en lid van de raad voor maatschappelijk welzijn. De heer Sander Jeurissen, eerste opvolger van lijst 2 van de gemeenteraadsverkiezingen, werd in zitting van de gemeenteraad van heden aangesteld als nieuw gemeenteraadslid en lid van de raad voor maatschappelijk welzijn in vervanging van mevrouw Elke Hellemans.
In zitting van heden keurde de gemeenteraad de geloofsbrieven van de heer Sander Jeurissen, eerste opvolger van lijst 2 van de gemeenteraadsverkiezingen, goed. Na het afleggen van de eed in handen van de voorzitter van de gemeenteraad werd de heer Sander Jeurissen geïnstalleerd en de nieuwe rangorde vastgelegd.
Artikel 68 van het decreet lokaal bestuur bepaalt dat de raad van maatschappelijk welzijn bestaat uit dezelfde leden als de gemeenteraad. Wanneer zij de eed als gemeenteraadslid hebben afgelegd, worden de leden van de raad voor maatschappelijk welzijn van rechtswege als geïnstalleerd beschouwd.
Na het afleggen van zijn eed als gemeenteraadslid, wordt de heer Sander Jeurissen bijgevolg van rechtswege als geïnstalleerd beschouwd als lid van de raad voor maatschappelijk welzijn.
Hij neemt de rangorde in onmiddellijk na de heer Sven Vercammen.
Artikel 68 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van de installatie van de heer Sander Jeurissen als lid van de raad voor maatschappelijk welzijn met ingang van 30 mei 2022.
De nieuwe rangorde van de raad voor maatschappelijk welzijn is vastgesteld als volgt:
|
Volgorde |
Naam |
Datum eerste indiensttreding |
Aantal voorkeursstemmen |
|
1 |
Ronny Slootmans |
02/01/1995 |
1.253 |
|
2 |
Eric Janssens |
02/01/1995 |
697 |
|
3 |
Maurice Verheyden |
02/01/2007 |
573 |
|
4 |
Kris Hapers |
02/01/2001 – 31/12/2006 |
302 |
|
5 |
Kristof Sels |
06/10/2008 |
1.823 |
|
6 |
Tom Ongena |
02/01/2013 |
1.081 |
|
7 |
Joris De Pauw |
02/01/2013 |
799 |
|
8 |
Jan Broes |
02/01/2013 |
572 |
|
9 |
Jeroen Baeten |
02/01/2013 |
516 |
|
10 |
An Coen |
02/01/2013 |
500 |
| 11 |
Jos Ceulemans |
02/01/1989 - 07/03/1994 |
496 |
|
12 |
Jos Moeyersons |
07/09/2015 |
514 |
|
13 |
Greet Saels |
04/12/2017 |
155 |
|
14 |
Sylke Pex |
02/01/2019 |
625 |
|
15 |
Sven Verelst |
02/01/2019 |
529 |
|
16 |
Geert Vertommen |
02/01/2019 |
498 |
|
17 |
Sarah De Keyser |
02/01/2019 |
463 |
|
18 |
Katrien Willems |
02/01/2019 |
418 |
|
19 |
Lore Roelandts |
02/01/2019 |
413 |
|
20 |
Kathleen Rombauts |
02/01/2019 |
369 |
|
21 |
Karolien Frans |
02/01/2019 |
365 |
|
22 |
Thomas Mariën |
02/01/2019 |
330 |
23 |
Wim Marnef |
02/01/2019 |
318 |
|
24 |
Annelies Bal |
02/01/2019 |
267 |
|
25 |
Bart De Boeck |
04/02/2019 |
217 |
| 26 | Sven Vercammen | 02/01/2007 - 31/12/2018 08/11/2021 | 452 |
| 27 | Sander Jeurissen | 30/05/2022 | 363 |
Artikel 79 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur.
Artikel 79 van het decreet lokaal bestuur bepaalt dat de burgemeester van rechtswege voorzitter is van het vast bureau. Daarnaast bepaalt hetzelfde artikel dat de schepenen eveneens van rechtswege de leden zijn van het vast bureau.
Indien de samenstelling van het college van burgemeester en schepenen wijzigt, wijzigt ook de samenstelling van het vast bureau.
Met ingang van 30 mei 2022 wordt de heer Joris De Pauw als tweede schepen opgevolgd door de heer Bart De Boeck. De heer Bart De Boeck werd hiertoe rechtsgeldig verkozen en legde in de gemeenteraadszitting van heden hiervoor de eed als schepen af in de handen van de burgemeester.
Hierdoor wordt de heer Joris De Pauw ook als tweede lid van het vast bureau automatisch opgevolgd door de heer Bart De Boeck.
De raad voor maatschappelijk welzijn neemt hiervan kennis.
De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van de gewijzigde samenstelling van het vast bureau met overeenkomstige rangorde met de burgemeester als voorzitter van het vast bureau en de schepenen als leden van het vast bureau met ingang van 30 mei 2022.
1. Ten gevolge van de instroom van Oekraïense vluchtelingen in onze gemeente is het noodzakelijk de sociale dienst te versterken.
2. Sinds 1 juli 2017 hebben de gemeente en het OCMW één geïntegreerde organisatiestructuur. Na vijf jaar blijkt het noodzakelijk om voor het eerst deze organisatiestructuur beperkt te wijzigen.
3. Verder zijn er naar aanleiding van een realistische weergave van het organogram en de formatie enkele kleine aanpassingen nodig.
4. Tenslotte dienen er i.f.v. de optimalisatie van de responsabiliseringsbijdragen een aantal functies overgedragen te worden van de gemeente naar het OCMW.
1. Versterking sociale dienst i.f.v. vluchtelingen Oekraïne
In Borgerstein vangen we reeds een 30-tal vluchtelingen op in een gemeentelijk opvangcentrum. Daarnaast verblijven er volgens onze informatie nog vluchtelingen bij particulieren in onze gemeente. Dit leidt tot heel wat extra werk voor de sociale dienst. Daarom is het noodzakelijk de sociale dienst te versterken met één (hoofd)maatschappelijk werker.
2. Bijsturing van het organogram
Sinds 1 juli 2017 vormen het OCMW en de gemeente in Sint-Katelijne-Waver één geïntegreerde organisatie.
De huidige organisatiestructuur
Directie grondgebiedszaken
Directie samenleving en welzijn
Directie ondersteuning
Na vijf jaar heeft het managementteam nu een evaluatie gemaakt.
De krachtlijnen van de organisatiestructuur blijven overeind. Toch nopen nieuwe ontwikkelingen sinds 2017 tot enkele beperkte bijsturingen, omdat de taakbelasting van enkele functies onhoudbaar hoog is geworden.
Volgende wijzigingen worden voorgesteld.
1. De extra functie van maatschappelijk werker t.b.v. de vluchtelingen uit Oekraïne wordt ingeschaald als 1 VTE hoofdmaatschappelijk werker B4-B5; op die manier blijft er na het pensioen van de expert sociale dienst in 2023 naast het diensthoofd een tweede coördinerende functie binnen deze hele grote dienst.
2. De coördinator lokale economie komt bij de dienst financiën i.p.v. de dienst omgeving; de dienst omgeving telt door een aantal deeltijdse tewerkstellingen, afwezigheden en bijkomende uitdagingen intussen zoveel personeelsleden en gespecialiseerde functies dat deze te groot geworden is.
3. In de buitenschoolse kinderopvang start op 1 juni 0,8 VTE pedagogische coach B1-B3 om de coördinator BKO te ondersteunen bij de leiding van onze vijf BKO’s. ). De Vlaamse Regering verplicht voor de uitvoering van de VIA-6 kwaliteitsmaatregel een (minstens deeltijdse) pedagogisch coach in dienst te nemen, die de kinderbegeleiders op de werkvloer ondersteunt. De Vlaamse Regering stelt hiervoor subsidies ter beschikking, voor Sint-Katelijne-Waver ongeveer voor 0,4 VTE. Dit is echter onmogelijk te werven, daarom wordt 0,8 VTE voorzien. Door het schrappen van 0,5 VTE kinderbegeleider C1-C3 is dit budgetneutraal.
4. De dienst organisatie bevat ondertussen te veel materies om door één diensthoofd te laten leiden: communicatie, klachtenbehandeling, digitale en sociale media, participatie, ICT, GIS, organisatiebeheersing, projectwerking, digitalisering, informatieveiligheid, secretariaat bestuursorganen, intergemeentelijke samenwerking, openbaarheid van bestuur, vergunningen evenementen, jubilarissen… Daarom wordt de dienst organisatie opgesplitst in een nieuwe dienst communicatie en participatie (waartoe ook ICT en GIS behoort) enerzijds en de cel secretariaat anderzijds; de cel secretariaat wordt toegevoegd aan de dienst juridische zaken, die omgevormd wordt tot de dienst beleidsondersteuning.
Bij uitdiensttreding van 1 VTE administratief medewerker C1-C3 van de dienst beleidsondersteuning wordt deze omgevormd tot 1 VTE deskundige B1-B3 omwille van de toenemende complexiteit.
De vrijkomende functie van 1 VTE communicatieambtenaar B4-B5 wordt omgevormd tot 1 VTE diensthoofd communicatie en participatie A1a-A3a. Ook ICT en GIS behoort tot deze dienst.
5. We richten een nieuwe directie op, de directie dienstverlening en organisatie. Deze directie bevat de nieuwe dienst communicatie en participatie, de nieuwe dienst beleidsondersteuning én de dienst burgerzaken en onthaal. Deze laatste dienst vertrekt dus uit de directie samenleving en welzijn. De functie van 1 VTE diensthoofd organisatie A1a-A3a wordt geschrapt, er komt nu 1 VTE directeur dienstverlening en organisatie A4a-A4b, die lid wordt van het managementteam, plaatsvervanger van de algemeen directeur en instaat voor de organisatiebeheersing, projectwerking, Pepperflow en informatieveiligheid.
Op deze manier kunnen we zonder een kop extra in onze organisatie en met een beperkte financiële investering onze slagkracht behouden en verder versterken.
De nieuwe organisatiestructuur
Directie grondgebiedszaken
Directie samenleving en welzijn
Directie dienstverlening en organisatie
O.l.v. financieel directeur
O.l.v. algemeen directeur
3. Kleine aanpassingen
a. Voor de bibliotheek wordt 1 VTE projectleider e-inclusie B1-B3 toegevoegd: in het ministerieel besluit van 6 januari 2022 werd een subsidie voorzien voor een bedrag van maximaal 200.000 euro aan gemeente Sint-Katelijne-Waver voor het project e-inlcusie, 'samen digitaal'. Dit is een samenwerking tussen de Bodukap-gemeenten. We ontvangen bij aanvang van het project 80% van de toegekende subsidie van € 200.000. De deelnemende gemeenten betalen gedurende de drie jaar een jaarlijkse bijdrage. Voor de vier gemeenten samen gaat dit over € 50.000 voor drie jaar. De bijdrage van Sint-Katelijne-Waver komt uit het bestaande budget van de bibliotheek voor het organiseren van activiteiten. Er moet geen extra budget voorzien worden.
b. 1 VTE bode D1-D3 werd aangesteld als 0,5 VTE kinderbegeleider IFIC categorie 11. De functie van bode stond reeds uitdovend, dus nu dooft deze halftijds uit. Dit betekent een besparing.
4. Overdracht van statutaire personeelsleden van de gemeente naar het OCMW
In besloten zitting van de raden van 30 mei staat de overdracht van een aantal statutaire personeelsleden van de gemeente naar het OCMW geagendeerd. Daartoe komen deze functies op de payroll van het OCMW. Voor het overige wijzigt er niets aan de formatie en het organogram. Het gaat om volgende statutaire functies, van personeelsleden uit diensten die voor beide besturen werken:
De functie van directeur dienstverlening en organisatie wordt ook op het OCMW voorzien.
Het college besliste op dinsdag 2 mei principieel over bovenstaande aanpassing. Op 16 mei vond hierover het vakbondsoverleg plaats, een protocol van akkoord werd afgesloten.
Aan de raad wordt gevraagd de voorgestelde wijzigingen goed te keuren.
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt de personeelsformatie en het organogram in bijlage goed.
De jaarrekening 2021 werd opgemaakt door het college en het vast bureau. Hiermee wordt bevestigd dat alle handelingen waarvoor zij bevoegd zijn, correct werden opgenomen in de boekhouding.
De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn stemmen over hun deel van elk beleidsrapport. Nadat de raden zo het beleidsrapport elk voor hun deel hebben vastgesteld, keurt de gemeenteraad het deel van het beleidsrapport zoals vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn goed. Door die goedkeuring wordt het beleidsrapport in zijn geheel geacht definitief vastgesteld te zijn.
De cijfers van de rekening werden toegelicht door Diane Wouters en Britt Van den Broeck tijdens de raadscommissie van 16 mei 2022.
Het voorontwerp van de jaarrekening werd gunstig geadviseerd door het M-team op 10 mei 2022.
Het budgettair resultaat 2021
| V. Budgettair resultaat van het boekjaar | € 225.760 |
| VI. Gecumuleerd budgettair resultaat vorig boekjaar | € 8.630.261
|
| VII. Gecumuleerd budgettair resultaat
| € 8.856.021 |
| VIII. Onbeschikbare gelden | € 0 |
| IX. Beschikbaar budgettair resultaat | € 8.856.021 |
Balans op 31/12/2021
| Vlottende activa | 12.926.056 € | Schulden | 20.419.788 € |
| Vaste activa | 122.781.557 € | Netto-actief | 115.287.825 € |
| Totaal activa | 135.707.613 € | Totaal passiva | 135.707.613 € |
Staat van opbrengsten en kosten 2021
| Operationeel tekort | - 1.552.444 € |
| Financieel overschot | 1.310.744 € |
| Uitzonderlijk overschot | 0 € |
| Overschot van het boekjaar | - 241.700 € |
Artikel 260 en 261 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017.
Artikel 17 tot en met 28 van het BBC besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 en latere wijzigingen.
Artikel 2, 3 en 4 van het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen en latere wijzigingen.
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt haar deel van de jaarrekening 2021 vast zoals hieronder opgenomen.
Artikel 249 decreet lokaal bestuur: § 3. De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn stemmen over hun deel van elk beleidsrapport. Nadat de raden zo het beleidsrapport elk voor hun deel hebben vastgesteld, keurt de gemeenteraad het deel van het beleidsrapport zoals vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn goed. Door die goedkeuring wordt het beleidsrapport in zijn geheel geacht definitief vastgesteld te zijn.
De gemeenteraad kan het deel van het beleidsrapport zoals vastgesteld door de raad voor maatschappelijk welzijn niet goedkeuren als dat de financiële belangen van de gemeente bedreigt. In dat geval vervalt de eventuele vaststelling van het deel van het beleidsrapport zoals vastgesteld door de gemeenteraad.
§ 4. Elke raad stemt telkens over het geheel van zijn deel van het beleidsrapport. In afwijking daarvan kan elk raadslid de afzonderlijke stemming eisen over een of meer onderdelen die hij aanwijst. In dat geval mag de betrokken raad pas over het geheel van zijn deel van het beleidsrapport stemmen na de afzonderlijke stemming. Als deze afzonderlijke stemming tot gevolg heeft dat het ontwerp van beleidsrapport moet worden gewijzigd, wordt de stemming over het geheel verdaagd tot een volgende vergadering van de raad. Als de andere raad voordien zijn deel van het beleidsrapport al had vastgesteld, vervalt die vaststelling en stelt die raad het gewijzigde ontwerp van beleidsrapport vast op een volgende vergadering.
Aan de raad voor maatschappelijk welzijn wordt de 5de aanpassing van het meerjarenplan 2020-2025 voorgelegd.
De belangrijkste redenen voor de wijziging van het meerjarenplan zijn de volgende:
Er werd een voorontwerp gemaakt van de aangepaste strategische nota en financiële nota door de algemeen directeur en de financieel directeur, in overleg met het M-team in zitting van 10 mei 2022. Dit ontwerp werd besproken op het vast bureau van 16 mei 2022.
De wijziging van de kredieten voor het lopende boekjaar vergt een aanpassing van het meerjarenplan. Het overzicht van de kredieten (schema M3) vermeldt dan de gewijzigde kredieten voor het lopende boekjaar.
Daarnaast is het logisch dat de raad beslist over belangrijke inhoudelijke wijzigingen in het beleid. Het bestuur zal het meerjarenplan dus ook aanpassen als er belangrijke bijsturingen van de acties, actieplannen en/of beleidsdoelstellingen moeten gebeuren. De regelgeving legt hiervoor geen regels op. Elk bestuur moet in het kader van de organisatiebeheersing zelf definiëren welke inhoudelijke wijzigingen alleen kunnen worden doorgevoerd via een aanpassing van het meerjarenplan.
Samengevat zijn de wijzigingen voor het OCMW voor 2022-2025 als volgt:
| Wijzigingen OCMW | 2022 AMJP05 | 2023 AMJP05 | 2024 AMJP05 | 2025 AMJP05 |
| Exploitatie (saldo) | -547.308 | -1.079.409 | -1.181.112 | -1.237.959 |
| - ontvangsten | 231.853 | 79.561 | 65.755 | 63.631 |
| - uitgaven | 779.161 | 1.158.970 | 1.246.867 | 1.301.591 |
| Investeringen (saldo) | 0 | 0 | 0 | 0 |
| - ontvangsten | 0 | 0 | 0 | 0 |
| - uitgaven | 0 | 0 | 0 | 0 |
| Financiering (saldo) | 0 | 0 | 0 | 0 |
| - ontvangsten | 0 | 0 | 0 | 0 |
| - uitgaven | 0 | 0 | 0 | 0 |
Het Besluit van de Vlaamse Regering van 30 maart 2018, en latere wijzigingen, betreffende de beleids- en de beheerscyclus van de gemeenten, de provincies en de openbare centra voor maatschappelijk welzijn.
Dit besluit geeft een overzicht van de diverse beleids- en beheersrapporten die moeten worden opgemaakt en een aantal regels waaraan de boekhouding van de gemeente moet voldoen.
Ministerieel besluit van 26 juni 2018, en latere wijzigingen, tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen. In dit besluit worden de concrete schema's en rekeningstelsels vastgelegd.
De raadsbeslissing van 16 december 2019 betreffende de vaststelling van het meerjarenplan 2020-2025.
Artikel 257 decreet lokaal bestuur: § 1. Minstens een keer per jaar wordt het meerjarenplan aangepast, waarbij in elk geval de kredieten voor het volgende boekjaar worden vastgesteld. Als dat nodig is, kunnen daarbij ook de kredieten voor het lopende boekjaar worden aangepast. Daarnaast kan het meerjarenplan, als dat nodig is, ook worden aangepast om alleen de kredieten voor het lopende boekjaar aan te passen.
Als voor 1 januari van het jaar dat volgt op de gemeenteraadsverkiezingen de kredieten voor dat boekjaar nog niet werden vastgesteld, worden, in afwijking van het eerste lid, op die datum de kredieten voor dat boekjaar automatisch vastgesteld op basis van de ramingen voor dat boekjaar in de financiële nota van het meerjarenplan.
Bij elke aanpassing van het meerjarenplan wordt het resultaat van de intussen vastgestelde jaarrekeningen verwerkt.
De periode van het meerjarenplan blijft altijd de periode, vermeld in artikel 254, tweede lid, maar de financiële nota beschrijft altijd de financiële consequenties voor ten minste drie toekomstige boekjaren.
§ 2. Een aanpassing van het meerjarenplan omvat minstens een aangepaste financiële nota, een toelichting en de eventuele wijzigingen van de strategische nota.
De raad voor maatschappelijk welzijn stelt haar deel van het aangepaste meerjarenplan 2020-2025 (05/2022) vast zoals hieronder wordt voorgesteld.
De bekendmaking van deze beslissing zal gebeuren overeenkomstig art. 330 van het decreet lokaal bestuur.
Artikel 105 §2 van het decreet lokaal bestuur
Artikel 50 §2 en §3 van het huishoudelijk reglement van de raad voor maatschappelijk welzijn zoals goedgekeurd door de raad voor maatschappelijk welzijn in zitting van 4 februari 2019
Overeenkomstig het decreet lokaal bestuur werd in het huishoudelijk reglement van de raad voor maatschappelijk welzijn de mogelijkheid voorzien dat er plaatsvervangers kunnen aangeduid worden voor de effectieve leden van het bijzonder comité voor de sociale dienst.
De leden van de raad voor maatschappelijk welzijn van de fractie N-VA hebben opnieuw hun vervangers aangeduid.
De algemeen directeur legt dit ter kennisneming voor aan de raad voor maatschappelijk welzijn.
Volgende personen werden aangeduid door de leden van de raad voor maatschappelijk welzijn van de fractie N-VA als vervangers voor Veerle Stoffelen, Odette (Detty) Vercraeye en Ilse Nauwelaerts:
Alle voorgaande beslissingen van aanduiding van plaatsvervangers door Veerle Stoffelen en Odette (Detty) Vercraeye worden opgeheven.
De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van de aanduiding van volgende plaatsvervangers voor Veerle Stoffelen, Odette (Detty) Vercraeye en Ilse Nauwelaerts, effectieve leden van het bijzonder comité van de sociale dienst:
Artikels 217, 218, 219, 302 en 303 van het decreet lokaal bestuur.
Artikel 35 §3 van het besluit van de Vlaamse regering dd. 5 juni 2009 houdende de bezoldigingsregeling van de lokale en provinciale mandataris.
Klachtenbehandeling en meldingen
Overeenkomstig artikel 302 en 303 van het decreet lokaal bestuur heeft het lokaal bestuur een klachtenbehandelingssysteem.
We spreken van een klacht wanneer een handeling of prestatie van één van onze diensten:
Van het rapport klachtenbehandeling 2021 werd reeds kennis genomen tijdens de zitting van de gemeenteraad van 31 januari 2022.
De resultaten en bevindingen worden voor de volledigheid ook opgenomen in het jaarverslag 2021 onder het luik "Klachtenbehandeling".
Organisatiebeheersing
Zoals bepaald in artikel 217, 218 en 219 van het decreet lokaal bestuur dient elke gemeente en OCMW in te staan voor haar organisatiebeheersing. Buiten het wettelijk kader, dat men kan terugvinden in voormelde artikels, zijn door de wetgever geen bijkomende voorwaarden vastgelegd. Dit heeft als voordeel dat iedere gemeente vrij is in de uitwerking van het organisatiebeheersingssysteem.
Op 31 mei 2020 werd het verbetertraject 2014-2019 officieel afgerond, waarbij een laatste stand van zaken werd opgemaakt van de verschillende verbeteracties. Over deze stand van zaken werd een laatste maal gerapporteerd in het jaarverslag 2019.
De “Leidraad organisatiebeheersing” van Audit Vlaanderen werd op 11 maart 2019 door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk goedgekeurd als algemeen kader voor het organisatiebeheersingssysteem.
In 2020 werd gestart met de nieuwe cyclus organisatiebeheersing 2020-2025. In het najaar van 2020 werd een organisatiebrede zelfevaluatie op basis van deze leidraad 'Organisatiebeheersing voor lokale besturen' van Audit Vlaanderen opgestart. Deee werd afgerond in het voorjaar van 2021. Tijdens deze oefening werden alle 10 de thema's uit de leidraad grondig behandeld. Zo werden alle geformuleerde risico's en beheersmaatregelen van elk thema tegen het licht gehouden en besproken. Waar nodig werden verbeteracties geformuleerd.
De verschillende verbeteracties die naar aanleiding van deze zelfevaluatie werden geformuleerd, werden samen met de aanbevelingen uit thema-audit Monitoring door Audit Vlaanderen en uit andere inspecties en audits samengebracht in één globaal verbeteractieplan 2021-2025.
Al deze verbeteracties uit het verbeteractieplan werden opgenomen in de nieuwe opvolgings- en rapporteringssoftware Pepperflow. Binnen deze softwaretoepassingen volgen de projectleiders de verschillende verbeteracties op en rapporteren éénmaal per jaar aan de raden over de voorgang van uitvoering van deze verbeteracties.
De raad voor maatschappelijk welzijn nam op 21 juni 2021 kennis van het rapport 'Organisatiebeheersing - zelfevaluatie 2020-2021' en van de eerste rapportering hierover in het 'Verbeteractieplan 2021-2025'.
Rapportering financieel directeur
Overeenkomstig artikel 177 van het decreet lokaal bestuur rapporteert de financieel directeur in volle onafhankelijkheid minstens eenmaal per jaar aan de de raad voor maatschappelijk welzijn. Dit rapport omvat minstens een overzicht van:
de voorafgaande krediet- en wetmatigheidscontrole van de beslissingen van het lokaal bestuur met budgettaire en financiële impact;
het debiteurenbeheer, inzonderheid de invordering van de fiscale en niet-fiscale ontvangsten;
de thesaurietoestand;
de liquiditeitsprognose;
de beheerscontrole;
de evolutie van de budgetten;
de uitvoering van haar taak van voorafgaande controle van de wettigheid en regelmatigheid van de voorgenomen verbintenissen.
De financieel directeur stelt tegelijkertijd een afschrift van dat rapport ter beschikking van de algemeen directeur.
De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van het rapport 'Organisatiebeheersing - Verbeteractieplan 2021-2025 (2021)' in uitvoering van de artikelen 217, 218 en 219 van het decreet lokaal bestuur.
De raad voor maatschappelijk welzijn neemt kennis van het globale jaarverslag 2021, inclusief de rapportering door de financieel directeur opgemaakt in uitvoering van artikel 177 van het decreet lokaal bestuur.
Artikel 432, 3de lid van het decreet lokaal bestuur, waarbij bepaald wordt dat de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger dient te worden herhaald voor elke algemene vergadering.
Op donderdag 23 juni 2022 om 16 uur vindt de algemene vergadering van Cipal plaats in het Technologiehuis te Geel. Daarnaast bestaat ook de mogelijkheid om online te participeren.
Volgende punten staan op de agenda:
De documentatie bij de agendapunten werd met de agenda meegestuurd.
Het OCMW van Sint-Katelijne-Waver is deelnemer van de dienstverlenende vereniging Cipal.
De raad voor maatschappelijk welzijn dient het mandaat te bepalen van de afgevaardigde van het OCMW in de algemene vergadering van Cipal op 16 december 2021.
De raad voor maatschappelijk welzijn heeft in zitting van 11 maart 2019 Sylke Pex, raadslid, en Sarah De Keyser, lid vast bureau, aangeduid als respectievelijk vertegenwoordiger en plaatsvervanger van het OCMW in de algemene vergaderingen van Cipal tot 31 december 2024.
Op basis van de bekomen documenten en de toelichtende nota keurt de raad voor maatschappelijk welzijn de agendapunten van de algemene vergadering van Cipal van 23 juni 2022 goed.
De vertegenwoordiger van het OCMW wordt gemandateerd om op de algemene vergadering van Cipal van 23 juni 2022 te handelen en te beslissen conform dit besluit.
Indien deze algemene vergadering niet geldig zou kunnen beraadslagen of indien deze algemene vergadering om welke reden dan ook zou worden verdaagd, dan blijft de vertegenwoordiger van het OCMW gemachtigd om deel te nemen aan elke volgende vergadering met dezelfde agenda.
Het vast bureau wordt gelast met de uitvoering van onderhavig besluit en in het bijzonder met het in kennis stellen daarvan aan Cipal.
De raad van bestuur van het Zorgbedrijf Rivierenland van 24 maart 2022 vraagt aan het lokaal bestuur Mechelen en Sint-Katelijne-Waver om een prijssubsidie toe te kennen van € 3 per maaltijd als omnio-tussenkomst.
De raad voor maatschappelijk welzijn kent een prijssubsidie van toe aan het Zorgbedrijf Rivierenland voor het verlenen van het sociaal omnio-tarief (tussenkomst van € 3) voor maaltijden in het lokaal dienstencentrum 'De Plek' en voor de maaltijden aan huis en machtigt het vast bureau om de prijssubsidie aan Zorgbedrijf Rivierenland betaalbaar te stellen.
Overeenkomstig artikel 31 van het decreet lokaal bestuur worden de mondelinge vragen van de raadsleden aan de leden van het vast bureau behandeld.