Het reglement standplaats privé en openbaar domein is aan vernieuwing toe, daarom stellen we voor om het reglement op te heffen en te vervangen door volgende reglementen:
Alle categorieën waren vroeger opgenomen in de bovenstaande reglementen m.b.t. standplaatsen. Ook naar de burger toe was het niet duidelijk welke tarieven van toepassing waren.
De installatie van verkoopautomaten kan een toeloop van publiek veroorzaken met daarbij gepaard gaande overlast van aan- en oprijdend verkeer, hierdoor kan er een verhoogde onveiligheid ontstaan. Het toezicht op deze eventuele overlast brengt een verhoogde kost voor de gemeente met zich mee. Het is daarom verantwoord om met de invoering van dit reglement een deel van de kosten te financieren en de overlast zoveel mogelijk te beperken.
Omwille van de financiële behoefte van de gemeente is het nodig om de reeds bestaande retributies en belastingen te behouden.
De belasting die hier gestemd wordt, maakte vroeger deel uit van de belasting op standplaatsen privéterrein en de retributie op standplaatsen openbaar domein.
Met ingang van 1 januari 2022 en voor een termijn van vier jaar, eindigend op 31 december 2025, wordt ten behoeve van de gemeente een jaarlijkse belasting geheven op het innemen van een standplaats op privéterrein en openbaar domein door verkoopautomaten.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017
Het besluit van de Vlaamse Regering van 20 april 2018 betreffende de bekendmaking en raadpleegbaarheid van besluiten en stukken van het lokaal bestuur, betreffende de wijze waarop de reglementen en verordeningen van het lokaal bestuur worden bijgehouden in het register en betreffende de raadpleegbaarheid van de besluiten van de politiezones en hulpverleningszones
Het gemeenteraadsbesluit dd. 16 december 2019 houdende de goedkeuring van een belasting op de standplaatsen op privé-terrein gelegen aan de openbare weg van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2025
Het gemeenteraadsbesluit dd. 16 december 2019 houdende de goedkeuring van een retributie op foorinrichtingen, frituren en sommige andere verkoopspunten op het openbaar domein van 1 januari 2020 tot en met 31 december 2025, en latere wijzigingen
Met ingang van 1 januari 2020 en voor een termijn eindigend op 31 december 2025 wordt ten behoeve van de gemeente een belasting geheven op verkoopautomaten gelegen op privéterrein en openbaar domein op het grondgebied van de gemeente.
De belasting is verschuldigd voor verkoopautomaten ongeacht welke producten en diensten er aangeboden worden, welke geplaatst zijn op privéterrein of openbaar domein.
De belasting is verschuldigd door de eigenaar van de verkoopautomaat. De eigenaar van het privéterrein is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van deze belasting.
Het bedrag van de belasting wordt vastgesteld als volgt:
De lengte die in aanmerking wordt genomen voor de berekening van de belasting is deze van de voorzijde van de verkoopautomaat.
De belasting is ondeelbaar en voor het hele jaar verschuldigd door de eigenaar van de automaat, ongeacht de datum van ingebruikstelling van de verkoopautomaat.
De invordering van de belasting zal gebeuren door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
Verkoopautomaten die niet onderworpen zijn aan deze belasting:
De belastingplichtige ontvangt van de gemeente een aangifteformulier dat door hem behoorlijk ingevuld en ondertekend, voor de erin vermelde vervaldatum, moet worden teruggestuurd.
De aangifte kan gebeuren via volgende kanalen:
De belastingplichtigen zijn tevens gehouden, binnen de acht dagen na het plaatsen, overdragen of verwijderen van een verkoopautomaat, aangifte te doen bij het college van burgemeester en schepenen.
De belastingplichtige die geen aangifteformulier heeft ontvangen, is gehouden, uiterlijk op 15 januari van het jaar volgend op het aanslagjaar, aan de gemeente de voor de aanslag noodzakelijke gegevens ter beschikking te stellen. De aangifte moet worden gedaan op het formulier dat de gemeente ter beschikking stelt van de belastingplichtige.
Bij gebrek aan aangifte, bij onvolledige, onjuiste of onnauwkeurige aangifte wordt de belastingplichtige ambtshalve belast volgens de gegevens waarover het gemeentebestuur beschikt, onverminderd het recht van bezwaar en beroep. Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het college aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting. De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig dagen volgend op de datum van verzending van de betekening om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen. Op de ambtshalve ingekohierde belasting zal een belastingverhoging van 50% van de totale basisbelasting worden toegepast en afzonderlijk in het kohier en op het aanslagbiljet worden vermeld.
De uitbater van de inrichting moet voor het opstellen van zijn verkoopautomaat toelating bekomen van het gemeentebestuur.
De vestiging en de invordering van de belasting evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen.
Dit reglement zal worden bekendgemaakt overeenkomstig artikelen 285 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur.