Hiervoor werd een belasting op masten en pylonen, met een hoogte van minimaal 15 meter boven het maaiveld die zich op 1 januari van het aanslagjaar op het grondgebied van de gemeente bevinden, ingevoerd. De belasting wordt uitgebreid en zal, vanaf 1 januari 2020, 3.000 euro per jaar per mast, pyloon of andere draagconstructie bedragen, en wordt jaarlijks geïndexeerd.
Het landschapsverstorend karakter van masten, pylonen en/of andere draagconstructies dienstig om groene energie te produceren en masten, pylonen en/of andere draagconstructies die dienen voor louter recreatief gebruik en voor openbare hulpverlenings- en veiligheidsdiensten die primaire overheidstaken uitoefenen, wordt evenwel voldoende gecompenseerd door het maatschappelijk belang, zodat hiervoor vrijstelling kan verleend worden.
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen;
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017;
Het besluit van de Vlaamse Regering van 20 april 2018 betreffende de bekendmaking en raadpleegbaarheid van besluiten en stukken van het lokaal bestuur, betreffende de wijze waarop de reglementen en verordeningen van het lokaal bestuur worden bijgehouden in het register en betreffende de raadpleegbaarheid van de besluiten van de politiezones en hulpverleningszones;
De omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 15 februari 2019 betreffende de gemeentefiscaliteit;
Het gemeenteraadsbesluit dd. 3 juni 2019 houdende de goedkeuring van de belasting op masten en pylonen voor aanslagjaren 2019 tot 2025.
Het is aangewezen om de aanwezigheid van masten, pylonen en andere draagconstructies op het grondgebied van de gemeente te beperken, ter vrijwaring van de aantrekkingskracht van de gemeente als woonomgeving en toeristische bestemming en wegens de visuele vervuiling, de landschapsverstoring, en het doorbreken van de vrije open ruimte.
De financiële toestand van de gemeente noodzaakt de gemeente om belastingen te heffen. De bedragen zijn redelijk en, gelet op de financiële behoeften van de gemeente, aldus verantwoord.
Artikel 170, § 4, Grondwet
Voor een termijn ingaand op 1 januari 2020 en eindigend op 31 december 2025 wordt ten behoeve van de gemeente Sint-Katelijne-Waver een jaarlijkse gemeentebelasting gevestigd op allerhande masten, pylonen en/of andere draagconstructies geplaatst in open lucht en zichtbaar vanaf de openbare weg, met een hoogte van minimaal 15 meter boven het maaiveld, die zich op 1 januari van het aanslagjaar op het grondgebied van de gemeente bevinden.
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
De belasting is verschuldigd door de eigenaar van de mast, pyloon en/of andere draagconstructie op 1 januari van het aanslagjaar. De eigenaar van de constructie en/of de grond waarop de masten, pylonen en/of andere draagconstructies werden opgericht, is mee hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
De belasting bedraagt 3.000 euro per jaar per mast, pyloon en/of andere draagconstructie. De belasting wordt op 1 januari automatisch herzien op basis van de schommelingen van de gezondheidsindex, volgens volgende formule:
Nieuw tarief = oud tarief x nieuwe index
basisindex
De basisindex is de gezondheidsindex van toepassing voor de maand november 2019, deze bedroeg 109,00 (gezondheidsindex 2013 = 100). De nieuwe index is de gezondheidsindex van toepassing in de loop van de maand november die voorafgaat aan de herziening van het bedrag van de belasting. De verkregen resultaten worden naar de hogere euro afgerond.
Zijn van de belasting vrijgesteld:
- constructies voor de productie van windenergie of andere vormen van groene stroom;
- constructies voor louter recreatief gebruik en voor openbare hulpverlenings- en veiligheidsdiensten die primaire overheidstaken uitoefenen.
Elke belastingplichtige moet jaarlijks ten laatste op 1 juli van het aanslagjaar een aangifte indienen bij het gemeentebestuur op een door het gemeentebestuur voorgeschreven aangifteformulier. Als aangiftedatum geldt de postdatum of (bij afgifte) de datum vermeld op het ontvangstbewijs. Valt de uiterste indieningsdatum op een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag, dan wordt de vervaldag verplaatst naar de eerstvolgende werkdag.
Een belastingplichtige die niet spontaan een aangifteformulier gekregen heeft, kan dit op eenvoudig verzoek bekomen of downloaden van de gemeentelijke website.
De belasting is ondeelbaar en voor het hele jaar verschuldigd, erwordt geen vermindering of terugbetaling van de belasting toegestaan als de mast, pyloon of andere draagconstructie in de loop van het jaar wordt weggenomen.
Bij gebrek aan aangifte op de gestelde datum, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte, kan de belasting ambtshalve worden ingekohierd conform de procedure voorzien in artikel 7 van het decreet van 30 mei 2008 en latere wijzigingen.
Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, bekent het College van Burgemeester en Schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de belasting is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van die elementen en het bedrag van de belasting.”
De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van die kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen.
Op de ambtshalve ingekohierde belasting zal een belastingverhoging worden toegepast van 10% van de verschuldigde belasting bij een eerste overtreding.
Bij volgende overtredingen zal een verhoging van 20%, 50% of 100% worden toegepast bij respectievelijk een tweede, derde en vierde overtreding. Vanaf de vijfde overtreding zal de belastingverhoging 200% bedragen.
Voor de vaststelling van het toe te passen percentage van de belastingverhoging worden de vorige overtredingen niet in aanmerking genomen, wanneer geen overtredingen werden vastgesteld voor de laatste twee opeenvolgende aanslagjaren die het aanslagjaar voorafgaan waarin de nieuwe overtreding wordt vastgesteld. Een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren herstelt aldus de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige.
Het bedrag van deze verhoging wordt gelijktijdig en samen met de ambtshalve belasting ingekohierd.
De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
De belastingschuldige kan tegen deze belasting een bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen. Het bezwaar moet schriftelijk worden ingediend, gemotiveerd en ondertekend zijn.
De indiening van het bezwaarschrift moet, op straffe van verval, gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet.
Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstmelding verstuurd, binnen vijftien kalenderdagen na de indiening ervan.
De vestiging en de invordering van de belastingen evenals de regeling van de geschillen terzake gebeurt volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenbeslechting van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen.
Zonder afbreuk te doen aan de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 en latere wijzigingen, zijn de bepalingen van titel VII, hoofdstukken 1, 3, 4, 6 tot en met 9bis, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen en artikel 126 tot en met 175 van het uitvoeringsbesluit van dat wetboek van toepassing, voor zover ze niet specifiek de belastingen op de inkomsten betreffen.
Dit besluit vervangt vanaf 1 januari 2020 het gemeenteraadsbesluit dd. 3 juni 2019 houdende de goedkeuring van de belasting op masten en pylonen voor aanslagjaren 2019 tot 2025.
Dit reglement zal worden bekendgemaakt overeenkomstig artikelen 285 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur.