Het huidige reglement loopt af op 31 december 2019.
De retributie op het parkeren in een blauwe zone wordt reeds sinds de invoering ervan geïnd door een externe parkeerfirma. De gemeente sloot hiervoor een concessieovereenkomst af, waarin het debiteurenrisico steeds bij de externe partner werd gelegd.
De verhoging van de parkeermogelijkheden vereist ook nieuwe mogelijkheden voor de controle op de beperking van de parkeerduur op de voorgeschreven plaatsen.
Het aanleggen en verbeteren van de parkeermogelijkheden voor de gemeente brengt aanzienlijke lasten met zich mee.
De financiële toestand van de gemeente vergt de invoering van alle rendabele belastingen of retributies.
Decreet van 9 juli 2010 houdende de invordering van parkeerheffingen door parkeerbedrijven;
Wet van 20 december 2002 betreffende de minnelijke invordering van schulden van de consument, en zijn latere wijzigingen;
Ministerieel besluit van 7 mei 1999 betreffende de parkeerkaart voor mensen met een handicap;
Advies van de Hoge Raad voor Binnenlands Bestuur (HRBB) van 29 april 2004 met betrekking tot de keuzemogelijkheid tussen het invoeren van een retributie, een belasting of een administratieve sanctie;
Het gemeenteraadsbesluit dd. 14 december 2015 houdende de retributie op het parkeren in een blauwe zone van 1 januari 2016 tot en met 31 december 2019;
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017;
Het besluit van de Vlaamse Regering van 20 april 2018 betreffende de bekendmaking en raadpleegbaarheid van besluiten en stukken van het lokaal bestuur, betreffende de wijze waarop de reglementen en verordeningen van het lokaal bestuur worden bijgehouden in het register en betreffende de raadpleegbaarheid van de besluiten van de politiezones en hulpverleningszones.
Met ingang van 1 januari 2020 en voor een termijn eindigend op 31 december 2025, wordt er een gemeentelijke retributie gevestigd voor het parkeren van motorvoertuigen op de openbare weg of op de plaatsen gelijkgesteld aan de openbare weg.
Dit reglement beoogt het parkeren van een motorvoertuig op plaatsen waar dat parkeren toegelaten is én waar een blauwe zone-reglementering van toepassing is.
Onder openbare weg verstaat men de wegen en hun trottoirs of nabijgelegen bermen die eigendom zijn van de gemeentelijke, provinciale of gewestelijke overheden.
Onder met een openbare weg gelijkgestelde plaatsen verstaat men de parkeerplaatsen gelegen op de openbare weg, zoals vermeld in artikel 4, § 1, 2e lid, van de wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten.
§1 De retributie wordt als volgt vastgesteld:
De door de gebruiker gewenste parkeerduur wordt vastgesteld door het zichtbaar aanbrengen achter de voorruit van het voertuig van de parkeerschijf, overeenkomstig artikel 27.1.1 van het Koninklijk Besluit van 1.12.1975.
§2 Deze reglementering is niet van toepassing op de bewoners die de door de gemeente uitgereikte bewonerskaart overeenkomstig het ministerieel besluit van 9 januari 2007 zichtbaar aanbrengen achter de voorruit van het voertuig.
§3 Het parkeren van voertuigen gebruikt door personen met een handicap is gratis. Het statuut van “persoon met een handicap” wordt beoordeeld op het ogenblik van het parkeren door het aanbrengen op een zichtbare plaats achter de voorruit van het voertuig van de kaart uitgereikt overeenkomstig het ministerieel besluit van 7 mei 1999.
§4 De kosten voor het verzenden van aanmaningen en aangetekende zendingen vallen ten laste van de schuldenaar van de retributie. De kosten worden als volgt vastgesteld:
|
verzending van een eerste aanmaning |
0,00 euro |
|
verzending van een tweede (aangetekende) aanmaning |
het tarief van de door de post aangerekende portkosten |
|
verzending van een aanmaning door een gerechtsdeurwaarder in het kader van de minnelijke invordering |
15,00 euro |
De retributie is verschuldigd door de houder van de nummerplaat van het voertuig.
De retributie is verschuldigd zodra het voertuig de tijd heeft overschreden die gratis is en is betaalbaar door overschrijving op de rekening van de gemeente; deze laatste mogelijkheid wordt enkel aangeboden als de gebruiker opteert voor de toepassing van het forfaitaire tarief.
Als de parkeerschijf niet zichtbaar achter de voorruit van zijn voertuig is geplaatst of in geval de gebruiker de pijl niet op het streepje plaatst dat volgt op het tijdstip van aankomst of indien de gebruiker de aanduidingen wijzigt zonder dat het voertuig de parkeerplaats heeft verlaten, wordt de gebruiker steeds geacht te kiezen voor de betaling van het in artikel 2 bedoelde forfaitaire tarief.
Bij toepassing van het hierboven vermelde forfait, brengt de aangestelde van de gemeente een uitnodiging om de retributie binnen de tien dagen te betalen aan op de voorruit van het voertuig.
De retributie is niet verschuldigd op zon- en feestdagen en op 11 juli.
Bij gebreke aan betaling van de retributie kan het bedrag ingevorderd worden conform artikel 177 van het decreet lokaal bestuur.
Dit reglement zal worden bekendgemaakt overeenkomstig artikelen 285 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur.